De Vlaamse overheid bouwt al vijf jaar stilletjes aan een open digitale leerinfrastructuur voor haar twee miljoen onderwijsmensen — op opensource, op Europese servers, met publiek geld. Dit artikel vertelt hoe dat groeide, waarom het ertoe doet, en wat de nieuwe aanbesteding van het Kenniscentrum Digisprong daaraan toevoegt.
Het was de zomer van 2014. In scholen door heel Vlaanderen zaten leerkrachten achter hun computer, gewapend met exportknoppen en exportbestanden, en probeerden te redden wat er te redden viel. EloV, de elektronische leeromgeving die het VVKSO al since 2005 had aangeboden aan meer dan 140 katholieke secundaire scholen, werd op 1 september definitief offline gehaald. De Blackboard-licentie was te duur geworden. Die samenwerking met KU Leuven stopte. Het was gedaan.
Wat leerkrachten konden meenemen, namen ze mee: documenten, bestanden, een deel van de cursusstructuren. Maar de interactieve elementen (de toetsen, de adaptieve leerpaden, de multimediale opdrachten die jaren hadden gekost om op te bouwen), die waren platformspecifiek. Die gingen niet mee. Een leerkracht die zijn Blackboard-cursus met moeite had ingericht, draaide zijn scherm weg en begon opnieuw.
Koen Roggemans, actief in de Nederlandstalige Moodle-gemeenschap, schreef er dat voorjaar een forumpost over. De titel was kurkdroog: “Blij dat ik Moodle.” Zijn punt was eenvoudig: Blackboard bood tenminste nog een krakkemikkige exportfunctie. Wie zijn cursusmateriaal wilde meenemen, kon tenminste nog de basiselementen afhalen. Niet elk platform bood zelfs dat.
Ruim twee miljoen redenen om het anders te doen
In december 2020 keurde de Vlaamse Regering een visienota goed met een titel die weinig aan de verbeelding overliet: “Digisprong: van achterstand naar voorsprong.” De aanleiding was corona, maar de tekortkomingen die ze blootlegde waren ouder dan de pandemie. Onvoldoende infrastructuur, ongelijke toegang, leerkrachten zonder houvast, scholen zonder beleid.
Het Vlaamse onderwijs telt ruim twee miljoen mensen: van kleuters tot universiteitsstudenten, van cursisten in het volwassenenonderwijs tot leerkrachten en onderwijspersoneel. Voor al die mensen investeerde de Vlaamse Regering in 2020 al 375 miljoen euro via het relanceplan Vlaamse Veerkracht. Maar belangrijker dan het bedrag was de architectuur erachter. Digisprong was geen eenmalige aankoop van laptops. De visienota beschreef vier structurele speerpunten: een solide ICT-infrastructuur voor alle scholen, een doordacht ICT-schoolbeleid, ICT-competente leerkrachten en de oprichting van een Kenniscentrum Digisprong als permanente ondersteuningsstructuur.
Dat Kenniscentrum werd de operationele kern. Het helpt sindsdien schoolleiders, leraren en ICT-coördinatoren in alle Vlaamse scholen, over de onderwijsnetten heen, bij het gebruik van educatieve technologie. Niet door tools op te leggen, maar door kennis, instrumenten en begeleiding ter beschikking te stellen.
In mei 2025 keurde de Vlaamse Regering de conceptnota Digiplan 2025-2029 goed als directe opvolger. Enkele punten en komma’s verschoven, maar men investeerde verder op een traject dat duidelijk goed zat: nog eens 325 miljoen euro voor de volgende legislatuur.
Maar waar gaat al dat geld naartoe? Het antwoord is verrassender dan je zou verwachten.
Niet naar Redmond. Niet naar Mountain View.
De Vlaamse overheid had de makkelijke weg kunnen nemen. Een raamcontract met een grote cloudspeler, een gestandaardiseerd pakket voor alle scholen, probleem opgelost. Snel, herkenbaar, politiek veilig.
Ze deed het niet.
In plaats daarvan bouwde Digisprong een opensource infrastructuur die de overheid zelf beheert, op Europese servers, met tools waarvan de broncode vrij beschikbaar is voor iedereen. Geen enkel bedrijf heeft de sleutels. De overheid heeft ze zelf.
Het leerplatform waarop Digisprong zijn opleidingen aanbiedt heet e-leren.be, een realisatie van het Departement Onderwijs en Vorming zelf. Het draait op Moodle, dezelfde opensource leeromgeving waarover Koen Roggemans in 2014 zo opgelucht schreef, en die inmiddels wereldwijd de meest gebruikte is. Digisprong beheert ook een eigen Moodle-omgeving en faciliteert een lerend netwerk voor leerkrachten die er zelf mee werken.
Naast Moodle maakt Digisprong gebruik van H5P, een onafhankelijk internationaal opensource project waarmee leerkrachten interactieve inhoud bouwen: video’s met ingebouwde vragen, invuloefeningen, digitale draaikaartjes. H5P integreert naadloos met Moodle en wordt wereldwijd gebruikt. Digisprong host een eigen H5P-omgeving zodat leerkrachten er zonder eigen server mee aan de slag kunnen. H5P bestaat mede dankzij financiële bijdragen van NDLA, het Noorse nationale platform voor digitaal leermateriaal: een mooi voorbeeld van hoe overheden internationaal samenwerken rond open onderwijstechnologie.
En dan is er Xerte, een opensource tool voor het bouwen van volledige leermodules, met bijzondere aandacht voor digitale toegankelijkheid. In juni 2025 organiseerde Digisprong de Xerte Mini Conferentie in het Hendrik Consciencegebouw in Brussel, samen met de Vlaamse en Nederlandse community. De sessies werden opgenomen en zijn terug te vinden op het eigen videokanaal van Digisprong, dat ook opensource draait: op PeerTube, niet op YouTube.
Moodle, H5P, Xerte, Digisnap, PeerTube. De volledige toolstack is opensource, gehost en onderhouden door Digisprong zelf. En wie de eloV-zomer van 2014 heeft meegemaakt, begrijpt precies waarom.
Waarom dit ertoe doet
Laten we nog even terugblikken naar de leerkracht uit 2014 op die gedoemde zomeravond.
Die lag niet wakker van de software, die lag wakker van zijn verloren lesmateriaal. Zijn school had zich over jaren zo verweven met één platform dat er geen eerlijk alternatief meer bestond. Dat mechanisme heeft een naam: vendor lock-in. Het is het punt waarop de macht volledig verschoven is van de gebruiker naar de leverancier. En de leverancier weet dat.
Opensource doorbreekt dat mechanisme. Niet omdat het altijd gratis is, maar omdat de code niet toebehoort aan één partij. Je kunt wisselen van dienstverlener, zonder je pedagogische meesterwerken achter te moeten laten. Het is de school die de sleutels heeft in plaats van de platformbeheerder.
Daar komt nog iets bij. Scholen verwerken gevoelige gegevens: leerlingenprofielen, leerresultaten, communicatie tussen ouders en leerkrachten. Wanneer die data terechtkomen bij commerciële platformen die er hun eigen doeleinden mee kunnen nastreven, is dat geen hypothetisch risico maar een gedocumenteerde realiteit. Opensource infrastructuur op Europese servers, beheerd door de overheid zelf, geeft scholen de zekerheid dat hun data niet als bijproduct elders verwerkt wordt.
Dan is er de kwestie van duurzaamheid. Opensource tools verdwijnen niet wanneer een bedrijf de stekker eruit trekt of de prijs verdrievoudigt. De code blijft. De gemeenschap blijft. De investering gaat niet verloren.
En tot slot, de bredere context: op een moment dat de afhankelijkheid van Amerikaanse cloudinfrastructuur politiek actueler is dan ooit. Met de CLOUD Act die Amerikaanse autoriteiten toegang geeft tot data op buitenlandse servers, met het debat over digitale soevereiniteit dat van Brussel tot Berlijn gevoerd wordt, is dit twee miljoen keer kiezen voor privacy, of niet.
Wat Digisprong al realiseerde
Rond die inzichten, bouwde Digisprong vijf jaar geleden al een volledig platform op, specifiek voor onderwijsprofessionals.
De voorbije jaren lanceerde Digisprong de ICT-Bootcamps: een kosteloos professionaliseringstraject voor schoolteams, gefinancierd met meer dan een miljoen euro. Scholen konden gratis deelnemen en kregen intensieve begeleiding bij de digitale transitie van hun team. Niet één leerkracht op een cursusdag, maar een heel team dat samen het traject doorliep.
Daarnaast ontwikkelde Digisprong Digisnap, een zelfreflectietool waarmee leerkrachten hun eigen digitale competenties in kaart brengen op basis van het Europese DigCompEdu-raamwerk. Geen test met een score, maar een kompas richting bijscholing op maat.
En er is Pictos, een planningsinstrument dat scholen helpt bij het uitwerken van een ICT-beleidsplan: van visie naar analyse naar actieplan, stap voor stap.
Elk instrument bouwt verder op het vorige. Digisnap voedt Pictos. Pictos voedt de Bootcamps. De Bootcamps draaien op e-leren.be. e-leren.be draait op Moodle. Het is een ecosysteem, zorgvuldig opgebouwd en met opensource als technische ruggengraat.
De volgende stap: opensource als inhoud
Tot nu was opensource de infrastructuur van Digisprong. De gereedschapskist. De ondergrond van de professionaliseringsomgeving.
Dat verandert nu.
Begin april 2026 publiceerde het Kenniscentrum Digisprong een nieuwe overheidsopdracht (besteknummer OND/KCDigisprong/2026/opensource). Voor het eerst wordt opensource niet alleen ingezet als technisch fundament, maar als inhoudelijk thema van de professionalisering zelf. De overheid investeert niet alleen in open tools, ze wil ook dat scholen begrijpen waarom die keuze zinvol is en hoe ze die zelf kunnen maken.
Concreet voorziet de aanbesteding twee luiken. Het eerste is een volledige online opleidingscatalogus van minstens 40 modules over opensourcetoepassingen voor leraren en ICT-coördinatoren, aangeboden op e-leren.be. Van LibreOffice tot pfSense, van Nextcloud tot Keycloak: geen abstract verhaal over opensource in het algemeen, maar concrete handvatten voor concrete situaties in de klas en de serverruimte.
Het tweede luik zijn begeleidingstrajecten voor 50 scholen of scholengroepen die effectief willen overstappen naar opensource in hun ICT-beleid. Geen eendagsworkshop, maar een traject van meerdere maanden: fysiek intakegesprek, installatie- en configuratiebegeleiding, beleidsmatige verankering, en per school concrete deliverables: een keuzekader, een roadmap, aanvullingen op het ICT-beleidsplan.
Het totale budget bedraagt tot 700.000 euro, de looptijd 27 maanden.
De focus verschuift van “hoe gebruik je een tool” naar “hoe bouw je een digitaal soeverein ICT-beleid”. Privacy, vendor lock-in en digitale autonomie maken zowat deel uit van de taakomschrijving.
Een woord voor scholen die nu hun beleidsplan schrijven
Vanaf 1 september 2026 is een ICT-beleidsplan verplicht voor elke school die Digiplan-middelen ontvangt. De trajecten uit de nieuwe aanbesteding zullen die eerste generatie beleidsplannen niet meer voeden, daarvoor is de timing te krap.
Maar een ICT-beleidsplan is geen document dat je schrijft en dan in een la legt. Het is een levend geheel dat evolueert naarmate kennis en context veranderen. En die kennis komt eraan.
Wie nu zijn beleidsplan schrijft, doet er goed aan het technologieneutraal te houden. Beschrijf principes en doelstellingen, niet specifieke tools of platformen. “We zorgen dat leerlingendata conform de GDPR-richtlijnen verwerkt worden” is sterker dan “we gebruiken platform XYZ”. Het eerste laat je wendbaar. Het tweede pint je vast, zoals leerkrachten in 2014 vastgepind zaten.
Terug naar 2014
De les van eloV is eigenlijk heel eenvoudig: wie de controle over zijn digitale omgeving weggeeft, krijgt ze niet zomaar terug. En naarmate die omgeving groeit, de koppelingen dieper worden en de leercurve van de medewerkers stijgt, wordt de prijs van een eventuele overstap hoger.
Digisprong heeft die les geïnternaliseerd. Eigen infrastructuur draait opensource, de tools zijn vrij beschikbaar, de kennis blijft publiek. Dat is geen klein ding. Dat is precies wat we in 2014 nog niet beseften.
Heel wat scholen migreerden intussen naar andere platformen - sommige opnieuw met hun eigen lock-in, andere kozen voor open oplossingen.
De richting die Digisprong inslaat, geeft reden tot voorzichtig optimisme. Niet omdat het probleem opgelost is, maar omdat de juiste vragen eindelijk luid genoeg gesteld worden, en omdat niet alleen middelen maar ook beleid achter zitten.
Heb je interesse in de details van die aanbesteding. Daarop gaan we in een volgend artikel in: wat die concreet vraagt, en welke kansen ze biedt voor Vlaamse en Nederlandstalige organisaties die mee aan dit verhaal willen schrijven.
Bronnen
- Visienota Digisprong 2020-2024 (VR 2020 1112)
- Conceptnota Digiplan 2025-2029 (VR 2025 0205 MED.0137-1)
- Omzendbrief NO/2025/03 (ICT-beleidsplan)
- eloV en de stopzetting in 2014
- Moodle-forum Koen Roggemans (2014)
- H5P en NDLA: h5p.org en explore.ndla.no
- Xerte Mini Conferentie juni 2025
- ICT-Bootcamps: persbericht Evoke PR + parlementaire vraag nr. 115
- besteknummer OND/KCDigisprong/2026/opensource